Mijn eerste en enige bewuste uittreding tot nu toe
Voorjaar 2001. Ik dacht naderhand nog: wat als dit op vakantie in Turkije gebeurt? Half zeven 's morgens. Ik moet naar het toilet. Volle blaas en een droge mond. Ik duik weer onder de wol en val in slaap. Toen werd ik weer wakker. Maar deze keer wel heel anders. IK werd wakker, maar mijn lichaam niet. Gek dat je dat dan weet. Ik voelde mij op de plek van mijn lichaam maar was daar helemaal vrij. Het was overal pikzwart om me heen en ik vond dat nogal saai en dacht toen: een schilderij, en PLOP, daar was het schilderij. Het had de vorm van een breedbeeld-TV en er was een digitaal landschap op te zien (ik ben computerverkoper en -reparateur). Flauwe glooiingen en bergen in digitaal zilver. Als het landschap nou eens zou bewegen, dacht ik toen. En jawel, het landschap trok voorbij alsof je TV zit te kijken en het perspectief hebt van een helikopter met camera die over het landschap scheert. Toen dacht ik: ik ga in het landschap.
Nou, toen had ik het voor elkaar. Als een pijl uit een boog werd ik keihard het landschap ingeschoten. De snelheid werd zo hoog dat het landschap tot een tunnel ingebogen werd. Plotseling stond ik in mijn slaapkamer, althans: ik dacht dat ik stond. Want ik wilde achterom kijken maar keek toen naar beneden. En daar zag ik mijzelf en mijn vrouw in bed liggen. Twee grijze gestalten en het dekbed zag ik niet. Ik voelde me PERFECT. Geen kou, geen hitte en lekker eens geen lichaam.
Verder had ik helemaal door wat er aan de hand was. Ik was niet dood maar er gewoon even uit. Langzaam keek ik om me heen of het allemaal wel klopte (in een droom klopt er nooit wat van). De muren, het gordijn voor het raam, de slaapkamerdeur en het binnenvallend licht. Ook voelde ik me helderder dan gewoon bij bewustzijn. Toen ik weer naar mijn lichaam keek, gebeurde er iets heel vreemds. Ik voelde mezelf op twee plaatsen tegelijk. Dat is raar. Ik voelde me ongeveer een meter boven mijn bed en gelijktijdig voelde ik me op de plaats van mijn lichaam.Ik moest toen moeite doen om uit deze situatie te komen en ik bevond me toen weer boven mijn bed. Ik keek naar mezelf maar zag op die plek helemaal niets. Raar: je voelt jezelf ergens maar je ziet er niets. Toen ging ik in de fout. Ik dacht: heeee, tof, ik adem niet. Tuurlijk niet. Geesten hoeven niet te ademen, MAAR LICHAMEN WEL! Toen ik dit eenmaal gedacht had, ontstond er dikke paniek (STOM). Ik dacht: ALS MIJN LICHAAM NOU NIET ADEMT, STERFT HET AF.
BENG!!! Terug in mijn lichaam, maar nog niet goed. Ik kon mezelf niet meer bewegen. Alsof ik in beton gegoten lag. Zonder nadenken bleef ik tegenstribbelen (weer stom). Ik zoog uit alle macht energie naar me toe om kracht bij te zetten. Plotseling kwam die onvergetelijke zoemtoon. Die zwelde aan tot haast oorverdovend. Alsof je in een reusachtige krachtcentrale zit. POEFF! De zoemtoon was weg en ik had mijn lichaam weer terug.
Een verkeerde gedachte en ik heb het helemaal verprutst. Het was natuurlijk wel de eerste keer. Ik kan mezelf nog voor mijn kop slaan. "Had er tussenuit geknepen, effe buiten kijken," zeg ik dan vaak. Maar het komt allemaal wel weer goed hoor. Na deze gebeurtenis ben ik over internet gevlogen en ben o.a. bij Robert Peterson terecht gekomen. Bleef daar plakken omdat zijn verhaal me bezig hield. Toen kwam ik op deze site terecht waar ik mijn verhaal aan iedereen kan vertellen.
Ik hoop dat je er wat over kan zeggen Sten.Groetjes,
Wil
Nawoord
Voor deze gebeurtenis had ik nog niets ECHT over uittreden gelezen. Wel eens ergens gelezen dat sommige mensen aan een draadje uit hun lichaam kunnen hangen. Door een persoon geschreven met een glimlach op het gezicht om zijn of haar tijdschriftje te vullen zonder zelf enig idee te hebben waar het over gaat. Dan komt er ook niets over. Daarom is het een openbaring om met mensen te praten die weten waar het over gaat. En een opluchting is het ook.
Toen ik vier jaar oud was moest ik een fietslampje op de overloop zodat er altijd licht was als ik slapen ging. Als het namelijk donker werd ging bij mij het zwarte doek open. Enge taferelen waarbij Jeroen Bosch vergeleken een broekje was. Met mijn zesde levensjaar heb ik het potdicht gekregen. Wat moet je er als 4 jarige mee beginnen?
Toen ik na mijn eerste OBE het boek van Robert Monroe doorlas, vertelde hij dat hij door lagere sferen heen moest, die vlak bij deze dimensie lagen, om op de plek van bestemming te komen. Misschien was ik daar in mijn jeugd een beetje gevoelig voor. Ik denk dat jij misschien meer aan mij kan vertellen. Iedereen heeft zijn eigen waarheid en zicht op bepaalde dingen en ik luister er daarom met aandacht naar. Vanaf mijn achtste levensjaar ben ik lid van de bibliotheek geworden en heb eigenlijk hele encyclopedieën opgevreten. Hoe en waarom, waarvoor alles over techniek, de microkosmos, de macrokosmos, prehistorie, alles! Met mijn 14 jaar ben ik onbewust gaan mediteren. De toen nog schaarse synthesizer- en new age-muziek deed mij lekker wegzinken om me van het dagelijks leven los te maken.
Zo'n uittreding drukt je er met je neus bovenop en bezorgt je inderdaad meer weten dan geloven. Vanaf die tijd doe ik ook aan diepe ontspanningsoefeningen. Het gaat steeds beter, maar ik blijf meestal hangen en kom niet verder. Soms kan ik de slaap/waaktoestand even aantippen en begin dan ook te visualiseren om vervolgens best snel weer te vervagen. Ik ben een slechte slaper en beoefen daarom tegenwoordig sport om eens lekker moe te zijn. Dit helpt wel.
Graag zie ik jouw reactie tegemoet, Sten.
Veel succes en geluk,
Wil
© Alle rechten voor de schrijver
Lieve Sten.
Ik moet dit nog even kwijt.
Buiten mijn eerste uittreding zit ik met 'n aantal gebeurtenissen die toch wel aanverwant dan wel eigenlijk ook uittredingen zijn. Ik stuur ze voor de zekerheid maar even door, zodat je hier (haast wel zeker) ook wat mee kan. Je mag ze wat mij betreft ook publiekelijk gebruiken hoor, want misschien herkennen anderen hier ook wel wat in terug. Want eigenlijk ben ik bij deze voorvallen in mijn lichaam maar eigenlijk ook weer niet. Heel erg raar en dubbel. Nadat ik mijn eerste brief aan je verstuurd heb, kan ik alles ineens goed onder woorden brengen. Oeoeoe, als mijn vrouw dit straks allemaal leest, schijt ze peentjes. Ze vind het allemaal maar zozo.
Erotisch uitstapje
Najaar 2001. Het bekende ochtendritueel. Naar het toilet en een slokje water om de smaak van gebakken vleermuizen weg te spoelen. Eerst val ik gewoon in slaap om na een tijdje tot bewustzijn te komen. Heel vreemd. Mijn lichaam slaapt, maar ik ben bewust. Ik voel dat ik onder de duim word gehouden. (in positieve zin hoor) Waarneming is 100%, bewustzijn: vaag. Ik heb niets te willen en het maakt ook niet uit. Ik zie/voel nog 'n ik uit mijn lichaam glippen en die ik blijft boven mijn hoofd, iets schuin boven mijn lichaam zweven. Na 'n tijdje zie ik bij mijn vrouw 'n tweede zij (zo voelde het) uit haar lichaam drijven. Wij dreven buiten ons lichaam naar elkaar toe en begonnen gevoelens naar elkaar te sturen (ik weet ook niet hoe ik dit verwoorden moet).
Dit werd intenser en we begonnen in elkaar te slingeren. Abstract gezien leken we twee spaghettislierten die van henzelf uit een touw aan het vlechten waren. De intensiteit van de gevoelens liep nog wat verder op en PLOEP! daar schoot mijn vrouw terug in haar lichaam. Daar hing ik dan. Langzaam dreef ik terug in mijn lichaam. We (ik en mijn lichaam) werden weer een geheel en ik raakte mijn bewustzijn kwijt.
Verstekeling
Zelfde situatie, al slapend komt mijn bewustzijn terug en neemt waar. Weer in zo'n situatie van: 'ik kan niet, hoef niet en wat maakt het allemaal ook uit'. Ik zie/voel nog 'n ik uit mijn lichaam drijven en die ik maakt aanstalten om verder te gaan. Vanuit het niets komt een oranje gestalte aanvliegen die een beetje de vormen van een hond/dierachtig iets heeft. Die plakt zichzelf vast aan de ik buiten mijn lichaam.Buiten mijn lichaam zijnde (ik ben in en buiten mijn lichaam tegelijk) tast ik deze gestalte af en die voelt aan als huid en haar tegelijk. Net een huid die huidachtige haartjes heeft, een geheel dus, maar toch haartjes. Verder is het alleen maar 'n vorm. Het ontvangt niets, straalt niets uit en is alleen maar een vorm. De ik buiten mijn lichaam drijft met deze gestalte langzaam weg en gaat op pad. Heel langzaam raak ik dan mijn bewustzijn kwijt.
Zo, dat is er uit. Ik hoop dat je het leuk vind, dat niet onder woorden kunnen brengen. Maar het is nu allemaal best wel wat duidelijker, toch.
Groetjes,
Wil Mol
© Alle rechten voor de schrijver
Hoi Wil.
Bedankt voor je uitgebreide verslagen. Ik
herken er veel in. Stukken die je schrijft, had ik zelf kunnen schrijven.
Zie bijvoorbeeld bladzijde 63 van mijn boek 'Door het Raam'. Daar schrijf ik
het volgende:
"Ademhaling
Een keer werd ik op een
pijnlijke manier met de verschillen tussen het stoffelijke lichaam en het
astraallichaam geconfronteerd. Ik was weer eens op reis, maar plotseling
dacht ik: hé, ik adem niet! Ik schrok enorm, omdat ik dacht dat ik
lichamelijk dood ging, de meest voor de hand liggende gedachte als mens. Ik
begon bewust en diep door mijn astrale neus te ademen, wat mogelijk is. Maar
door de schok belandde ik meteen terug terug in mijn stoffelijke lichaam.
Ademhalen is met andere woorden: óf niet van toepassing in de wereld van
geesten, óf het gebeurt op een andere, onmerkbare manier. Door mijn
ademhaling te herinneren kwam ik juist in de problemen: er was niks aan de
hand toen ik het niet in de gaten had. [...]" (door Sten)
Zo zie je maar, Wil, hoe universeel wij als
mensen samen zijn :-)). Dit (uittreden) is niets individueels, maar iets wat
ons als mensen allen aangaat. Natuurlijk zijn ervaringen individueel
gekleurd, maar er is een rode lijn die door al onze ervaringen loopt en die
ons allen met elkaar verbindt. En troost je: je bent niet de enige die
(astrale) blunders maakt, ik doe het ook met grote regelmaat :-)) :-)) :-))
Misschien zijn onze blunders wel onze grootste leermomenten hè, Wil :-)).
Ja, en sommigen van ons zien meer dan alleen
de lichtrijken: dat is iets waar we waarschijnlijk zelf voor kiezen. 'De
lagere sferen' waar Robert Monroe het over had, inderdaad, ook zij zijn net
zo tastbaar als de hemelse rijken. Ik zelf vind het goed dat ik alle lagen
mag zien, zo word je vanzelf getraind tot een sterke persoonlijkheid die niet
met het eerste stormwindje omver geblazen wordt. En ergens zijn Hades, de
'god' van deze lagere sferen, en Zeus, de 'god' van de bovenwereld ook
één, want zij houden elkaar scherp, en Hades doet een gepaste stap naar
achteren, want uiteindelijk is ook hij afhankelijk van de opbouwende
krachten van Zeus. (Zie voor meer uitleg over deze 'theorie' mijn boek vanaf
bladzijde 126: de wereld van Hades. Daarna, vanaf bladzijde 136 tot
en met bladzijde 157 komt de wereld van Zeus overigens :-)) )
Over je tweede bijdrage: toeval of niet, ik
heb net gisteren twee 'spaghetti' :-)) afbeeldingen geplaatst op Eroos. Iets
vergelijkbaars als waar jij het over hebt tijdens je astrale
wederwaardigheden.
Een schrijver die ik erg respecteer, is Peter
Weiss. Vooral in zijn enorm dikke en onvertaalbare pil 'Die Ästhetik des
Widerstands' komt het thema 'Verschlungenheit' meermaals duidelijk
naar voren. In dit boek vervagen de grenzen tussen de ander en zijn ik: hij
wordt andere kunstenaars en doorleeft wat zij doorleefden, alles is met
elkaar verbonden, soms weet je waarachtig niet meer waar de een begint, de
ander ophoudt, in feite een heel spirituele voorstelling van zaken, ofschoon
Weiss het in die tijd nooit zo benoemd zou hebben, aangezien hij destijds
een communist was... Zodra ik het over Weiss heb, merk ik hier, begin ik acuut
langere/lange zinnen te schrijven :-)), een kenmerk van zijn
hoofdwerk waar sommige zinnen een hele pagina bestrijken of zelfs nog
meer...hiermee illustreer ik zelf wonderbaarlijk genoeg wat ik zojuist net
over hem vertel: dat je soms niet meer weet waar de een begint, de ander
ophoudt. Zo heb ik beslist ook iets met Peter Weiss :-)) In de twee
pas geplaatste afbeeldingen op 'Eroos' dus is diezelfde Verschlungenheit
goed te zien, hier uitgebeeld door haar dat de meest
fantastische bewegingen maakt om het lichaam en lichamen heen.
Prachtig dus wat je beschrijft over de
'spaghettislierten' die je vrouw en jijzelf maakten naar elkaar toe...jawel,
ook al is het moeilijk te beschrijven, ik kan goed navoelen wat je bedoelt
('nachvollziehen' in het Duits :-)) ). Verstrengeld zijn met elkaar als
spaghettislierten in een smakelijke Itialiaanse stapel :-)) Ook met de
laatste ervaring die je beschrijft, kan ik wel wat. Soms zijn woorden
inderdaad moeilijk te vinden, maar een goede verstaander kan tussen de
regels door lezen, en 'it's written all over the wall too'.
Wil, ik wens je nog vele boeiende astrale
ervaringen toe en we komen elkaar vast wel eens tegen, dat moet wel met al
die 'Verschlungenheit', met al dat verstrengeld zijn :-)).
Veel liefs,
Sten
