Uittredingen
en
buitenlichamelijke ervaringen
Brieven
Milleke:
(vrijdag 22 maart 2002)

 


Beste Sten.


 


Ik volg sinds een paar weken je site met grote belangstelling. Het is volkomen vreemd voor me hoe er nu een puzzel in elkaar valt.


 


Enige jaren geleden, ik was toen 25, was ik op vakantie in Rimini in Italië. Mijn vriendje van toen en ik sliepen in een appartement. Mijn vriend zijn ouders waren kort na elkaar, nog voor mijn intrede in zijn familie, gestorven en zijn broers en zus hadden hier nog steeds verdriet over. Zij waren van Indische afkomst.


 


We sliepen al toen ik plotseling wakker werd van een aanwezigheid. Tot op de dag van vandaag herinner ik me dat ik de gedaante die ik zag tekort doe om met aardse woorden te omschrijven. Ik heb dat altijd volgehouden hoe vaak ik ook werd afgewezen door anderen met het antwoord dat ik wel gedroomd zal hebben. Zij stond aan het eind van mijn bed en knikte me liefdevol toe en in haar blik lag het antwoord: het is allemaal goed, het komt goed.
Ik zag geen gezichtsuitdrukking, enkel een schim maar toch wist ik dat mijn zien weten was en antwoorden gaf. Hoe moet je dit in Godsnaam uitleggen als je dat nooit eerder heb meegemaakt.
Ik voelde me zo veilig en was helemaal niet bang. Ik kneep me in mijn arm om mezelf te overtuigen dat dit echt was wat ik meemaakte. Dagen en jaren later heb ik geprobeerd tussen mijn oogleden door te gluren om te zien of ik een dergelijk beeld kon opwekken alsof ik hallucineer maar het is me nooit zo gegeven als wat ik toen zag. Zo liefdevol, zo veilig en echt. 



 


De volgende avond stormde het op Rimini en we liepen langs de vloedlijn waar de golven torenhoog op ons afkwamen. Mijn vriend liep voor me en ineens riep ik: "Droeg je moeder een zwarte jurk met oranje bloemen toen ze gestorven was? En had ze een echte bloem als een corsage opgespeld toen ze opgebaard lag?"
Mijn vriend stond met een ruk stil en keek me verbaasd aan. "Ja," zei hij toen, "hoezo?" "Ik heb haar gezien," antwoordde ik. "Het gaat allemaal goed, en alles komt ook goed. Het is goed zo," zei  ze.
Achter ons liepen zijn broer en neefje. Hij zei: "Het gaat goed met ma. Mil heeft haar gezien." Daarna heb ik nooit zo treffend meer kunnen herhalen wat ze droeg. Dat was een eenmalig antwoord. 



 


Een aantal weken geleden 'droomde' ik dat ik vloog. Ik vloog langs de vloedlijn van Portugal. Ik ben er nog nooit geweest maar ik wist dat het Portugal was. Het was zo apart, zo geweldig om te kunnen vliegen. Ik richtte mijn lichaam op en kwam hoger en hoger en ik dook zo weer naar beneden. Ik heb er weinig aandacht aan besteed toen ik wakker werd. Alleen zo'n gevoel van; dat was een leuke heerlijke droom! 


 


Ik werk met leerlingen met ernstige sociaal emotionele stoornissen en een leerling in mijn groep zegt heel vaak het zo koud te hebben en vraagt me dan bij de verwarming te zitten. Hij is heel kort geconcentreerd terwijl hij eigenlijk ooit getest is waaruit bleek dat hij toch aardig intelligent is.
Maar hij zegt me dat zijn gedachten altijd afdwalen. Als ik meer van hem vraag, begint hij zonder geluid te huilen en als ik vraag waarom hij zo verdrietig is kan hij er niet op antwoorden.
Laatst zat ik met hem buiten en zei ik: "Droom je ook?" "Altijd," zei hij. "Is dat fijn?", vroeg ik hem. "Meestal wel," zei hij. In zijn dossier las ik terug dat hij een droom thuis had beschreven van groene mannetjes die hij had gezien met handen met maar een vinger, een soort duim. Hij had er zelfs een tekening van gemaakt. Ik zei: "Ik kan ook fijn dromen." "Wat dan?", vroeg hij me. "Dat ik kan vliegen," zei ik. Hij knikte en keek me aan. "Dat droom ik ook," lachte hij.

Sten, hoe kan ik er achter komen of het gebeurt dat hij werkelijk in contact komt met het astrale, waardoor hij mogelijk van in de war is? Ik hoop op een antwoord van je.

Liefs Milleke (27-03-1963)




 


© Alle rechten voor de schrijfster

Milleke (2)
(maandag 25 maart 2002)

Hallo Sten.


Ik heb je al eerder een mailtje gestuurd, maar ik denk dat het druk in jouw mailbox is. Ik lees met volle aandacht zowat iedere avond de lezersbrieven en jouw antwoorden. Vanavond las ik over een intense rilling voelen.

Toen mijn tante overging, had ik erg veel verdriet. Elke dag als ik naar mijn werk reed, kwam ik voorbij een open veld en een aantal dagen lang kreeg ik op dat moment een intense rilling. Het was niet zomaar een rilling en dan zei ik later tegen mijn man: "Ik weet dat ze er was, bij mij, dat voelde ik." Soms sprak ik gewoon hardop in de auto en zei dan: "Je bent er hè, bij mij? Dat is fijn want ik mis je zo."

In die periode was een oud-leerling uit mijn klas verongelukt en ik was diep onder de indruk. Toen hij als kleuter bij mij in de groep zat, wuifde zijn ouders hem dagelijks uit met de woorden: "Dag lieve jongen..."
Al die tijd als ik naar dat jochie keek, dacht ik: je hebt iets engelachtigs, iets onaantastbaars mooi, je zal niet oud worden. Ik wist niet waarom ik dat dacht, maar ik voelde dat dat het antwoord was als ik naar hem keek. Toen ik jaren later vernam van het noodlottig ongeluk dacht ik: ik wist het...



Dat heeft diepe indruk op me gemaakt. Toen ik naar de crematie reed, had ik een sterk gevoel dat ik zijn ouders moest zeggen dat hij bij hen is, voor altijd in gedachten. Opeens kreeg ik een hele sterke tinteling in mijn lijf en het gaf me het antwoord dat hij er echt was en me aanmoedigde zijn ouders te overtuigen dat hij er altijd zou zijn. Ik heb het gezegd en zijn moeder keek me aan en zei:  'Dank je wel, ik wist dat ik iets van hem zou horen."


Weer twee jaar later was ik zwanger en we zouden naar een babyzaak gaan, maar ik wilde niet daar waar mijn man heen wilde. Ik wilde naar een babyzaak in een dorp. Toen we in een parallelweggetje reden, reden we voorbij een busje en in mijn achteruitkijkspiegel zag ik een silhouet achter het stuur in een dampende sigarettenrook. Ineens zei ik tegen mijn man dat hij moest stoppen. Ik stapte uit en liep een vijftig meter terug richting het busje. Dat is de vader, dacht ik, van mijn oud-leerling. Daar is hij verongelukt. Ik kon niet zien wie er inzat en mijn hart bonsde sterk en ik klopte tegen het raam. Het raam werd opengedraaid en ik stond oog in oog met de vader van mijn oud-leerling. Zijn verbazing was groot. Hij stond naast de tegel waarop een bloemstukje lag want daar was zijn zoon verongelukt. Hij kon het nog steeds niet verwerken dat hij er niet meer was en ik herhaalde wat ik doorgekregen had de dag van de crematie.

Als ik nu terugdenk, weet ik dat ik als kind in bed lag en we woonden vlakbij de spoorlijnen. Als er een trein aankwam, dacht ik dat daarom mijn bed zo trilde, maar we woonden niet naast de rails en er best nog een eindje vandaan. Dan sloot ik mijn ogen en bleef heel stil liggen en dan droomde ik dat ik kon vliegen.

Ik werk met kinderen met gedragsstoornissen en Sten, je wil niet weten hoe vaak ik hoor dat ze een van deze signalen noemen die hier genoemd worden. Moe, duizelend gevoel, tintelen,  stemmetjes, groene mannetjes gezien(?) Hoe vaak, denk ik dan, wordt misschien een van hen wie dit echt meemaakt een verkeerd beeld en advies gegeven en misschien zelfs een medicijn voorgeschreven?

Ik ben een vrij  nuchter type en laat me echt niet meeslepen door softe verhalen maar nu ik hier op de site lees herken ik akelig veel van wat ik zelf heb ervaren...

Liefs,



Milleke


 


 


© Alle rechten voor de schrijfster

 
Sten:

Lieve Milleke.


Dank voor je twee lange brieven.


Uit alles blijkt dat je jezelf gevoelig hebt gemaakt voor de andere kant, waar je ook direct berichten van mag ontvangen. Je doet er goed werk mee, dat blijkt wel. 


Je waarnemingen op je werk getuigen ook van helderheid en je bent in een stadium beland waarin je kritisch aan het worden bent ten opzichte van gangbare gedachten en behandelmethoden voor 'gedragsstoornissen', omdat je begint te zien dat niet alles slechts bestaat in het hoofd van je leerlingen, maar dat veel waarachtig is en niet het verzinsel van een ziek brein. Ik kan alleen maar zeggen: je werkt daar niet voor niets. Kijk goed en reageer op je gevoel en volg je eigen weg. Je zult een licht zijn voor de nog duistere sferen die in klinieken en dergelijke hangen. Met duister bedoel ik dan: nog niet verlicht, nog niet begrijpend dat sommige mensen ziek worden door een te grote, onbeschermde gevoeligheid voor de (astrale) wereld met al haar goede en duistere energieën. Leren omgaan met de krachten van energie (in al haar verschijningsvormen), lijkt mij het doel voor zowel de leerlingen als hun begeleiders.


Het lijkt mij, dat jij goed geleid wordt, dus reageer gewoon op wat je meemaakt en durf anders te reageren als anderen. Daarmee kun je een voortrekkersrol spelen, zodat er meer begrip en inzicht komt op de aarde waar het op veel plaatsen nog donker is (figuurlijk).


Ik wens je nog vele fijne en zinvolle ervaringen toe, spread the Light, you're good at it!


Liefs,


Sten


XXX

 
Home - Lezersbrieven - Milleke
LinkerMenu